JEUGD

Veel gure regendagen bij de boeken
in studie doorgebracht; veel winternachten
bij wijn en vrienden lachend doorgewaakt.
En in en zomer verre wandeltochten
en droomen in het gras, veel groote plannen,
nog grooter woorden; meisjes plagen, stoeien,
gezoen en nu en dan een vleugje kiefde,
een wenk, een oogopslag, een stout begeeren
als blauwe heuvels, schemerend hier en daar
door dichte stammen van het donkre bosch.

Leopold